Passie bouwen: het energieconcept van de toekomst


01 juni 2011
drs. ing. H.M. Nieman, Nieman Consultancy B.V.

Passief Bouwen is een bouwwijze die uitgaat van een optimale zonoriëntatie, een sterk geïsoleerde thermische schil, sterk beperkte warmteverliezen, optimale luchtdichtheid en gebalanceerde ventilatie. Doordat een groot deel van de energievraag wordt gedekt door passieve zonne-energie wordt deze manier van bouwen aangeduid met de term ‘passief’. Passief Bouwen is een belangrijke eerste stap op weg naar energieneutraal bouwen.

De thermische schil vormt een belangrijk uitgangspunt bij Passief Bouwen, daarnaast vraagt het installatietechnisch ontwerp veel aandacht. Bovendien vraagt het om een zorgvuldige aanpak op de bouwplaats. Passief Bouwen is geschikt voor woningen en utiliteitsgebouwen, zoals kantoren en scholen. De maatregelen beperken zich niet tot nieuwbouw, ze zijn namelijk ook geschikt voor passief renoveren.

In zijn inleiding verduidelijkte Harry Nieman de achtergrond van energiebesparing en het verschil tussen EPC en Passief Bouwen. Ook behandelde hij de richtlijnen voor het ontwerp van een passiefhuis.

De achtergrond van energiebesparing ligt in de reductie van de CO2-uitstoot. De overheid heeft hiervoor de volgende doelstellingen geformuleerd:

  • 2% energiebesparing per jaar;
  • 20% duurzame energie in 2020;
  • 30% lagere CO2-uitstoot in 2020 (ten opzichte van 1990).

Dit wil de overheid bereiken door:

  • Invoering van het ‘Lente-akkoord’ (aanscherping EPC-eisen);
  • Meer aandacht voor het initiatief ‘Meer met Minder’, jaarlijks worden 210.000 woningen en utiliteitsgebouwen gebouwd en gerenoveerd die gemiddeld 30% energiezuiniger zijn;
  • Ontwikkeling Passief Bouwen, bouwen kan hierdoor de basis vormen voor energieneutraliteit.

Het verschil tussen EPC en het Passiefhuis-concept is dat EPC staat voor een genormeerd energiegebruik waarin veel ‘politieke’ keuzes worden gemaakt, bijvoorbeeld ten aanzien van ‘opgelegd’ bewonersgedrag. Voor Passiefhuizen is een specifiek PHPP-rekenmodel  ontwikkeld (Passivhaus Projektierungs Paket). Deze berekeningsmethode geeft o.a. nauwkeurig het te verwachten energieverbruik, de invloed van de luchtdichtheid en de kwaliteit van het comfort aan, en koppelt de resultaten aan duidelijk meetbare prestatie-eisen.

De ontwerpprincipes voor Passief Bouwen zijn:

Stap 1: energieverbruik beperken:

  • compact ontwerp
  • zuidoriëntatie
  • optimaliseren thermische schil
  • verlagen infiltratie
  • passieve koeling (zonwering, zomernachtventilatie)

Stap 2: duurzame energie:

  • zonneboiler t.b.v. tapwater

Stap 3: efficiënt energiegebruik:

  • HR-ketel
  • Gebalanceerde ventilatie met warmteterugwinning (WTW)

Een passiefhuis heeft per jaar een energiebehoefte voor ruimteverwarming van 15 kWh/m², dit komt ongeveer overeen met een gasverbruik van 1½  m³ gas/m² vloeroppervlak. Dit betekent dat twee gloeilampen van 100 Watt een kamer van 20 m² kunnen verwarmen of dat een föhn volstaat om een passiefhuis van 100 m² te verwarmen.

Een passiefhuis verbruikt tien keer minder energie voor verwarming dan een gemiddelde bestaande woning en vier à vijf keer minder dan de huidige nieuwbouwwoning uitgevoerd conform het Bouwbesluit 2003. Elk passiefhuis draagt bij aan een grote milieubesparing (verminderde CO2-uitstoot) en zorgt voor een energierekening die tot 90 procent daalt.

In de ontwikkeling van het passiefhuis-concept wordt de adviseur steeds meer een ketenpartner. “Steeds meer partijen dwingen de adviseur in het proces,” aldus Nieman. Grote bouwers komen met concepten en gaan niet steeds opnieuw ‘uitvinden’.

De presentatie van Harry Nieman werd afgesloten met een aantal stellingen. In verschillende groepen volgde hierna een drukke discussie, die bij de plenaire terugkoppeling voor veel ‘levendigheid’ zorgde.

De stellingen die besproken zijn:

  1. Balansventilatie is niet haalbaar in Nederland
  2. Passief bouwen is het energieconcept van de toekomst
  3. Luchtdicht bouwen is ongezond